
Berggorilla
De enige mensaap die in aantal groeit. Leeft in twee gebieden ter wereld, waarvan er één in Oeganda ligt.
Ruim duizend soorten op een oppervlak kleiner dan het Verenigd Koninkrijk. De schoenbek trekt de aandacht, de bergsoorten van de slenk zijn de zeldzaamste.
Op een oppervlak dat kleiner is dan het Verenigd Koninkrijk zijn ruim 1050 vogelsoorten vastgesteld. Dat is grofweg de helft van wat heel Afrika telt, en het aantal loopt nog op.
De verklaring ligt in de ligging. Vanuit het westen dringt het laaglandregenwoud van het Congobekken het land binnen; vanuit het oosten en noorden loopt de savanne door tot aan de meren. Daartussen liggen bergen boven de vierduizend meter en uitgestrekte papyrusvlakten. Vogels uit al die werelden komen hier op enkele uren rijden van elkaar voor.
Grijs, ruim een meter hoog en met een snavel die op een houten klomp lijkt: de schoenbekooievaar is de soort waarvoor mensen naar Oeganda komen. Zijn jachtmethode is bewegingloosheid. Hij kan een kwartier onbeweeglijk boven een opening in de vegetatie hangen en klapt dan in één stoot voorover. Longvis vormt het hoofdbestanddeel van het menu.
De grootste kans ligt in het Mabamba-moeras ten westen van Entebbe, met de Nijldelta in Murchison Falls als tweede optie. De wereldpopulatie wordt geschat op vijf- tot achtduizend exemplaren.
Langs de westelijke arm van de Oost-Afrikaanse slenk komen zo’n veertig vogels voor die daarbuiten niet bestaan. Vierentwintig ervan zitten aan de Oegandese kant, geconcentreerd in het bergbos van Bwindi en op de flanken van de Rwenzori’s.
| Soort | Waar te vinden |
|---|---|
| African green broadbill | Vrijwel alleen rond Ruhija |
| Grauer’s rush warbler | Het moeras van Mubwindi |
| Rwenzori turaco | Bergbos boven tweeduizend meter |
| Handsome francolin | Bospaden op hoogte |
| Regal sunbird | Bloeiende struiken in de hoogste zone |
| Shelley’s crimsonwing | Zeldzaam, hoge delen van Bwindi |
| Gebied | Waarvoor bekend |
|---|---|
| Ruhija, Bwindi | De bergsoorten van de slenk |
| Mabamba | Schoenbek en papyrusbewoners |
| Royal Mile, Budongo | Bosvogels die zich op ooghoogte laten zien |
| Queen Elizabeth | Water- en savannesoorten, ruim zeshonderd geteld |
| Semuliki | Congolese soorten die verder oostwaarts ontbreken |
| Kidepo | Droogtesoorten, waaronder de struisvogel |
| Lake Mburo | Acaciasoorten die in de rest van het land ontbreken |
Tussen november en april is het aanbod het grootst. Vogels uit Europa overwinteren dan in het land en veel vaste bewoners dragen broedkleed. De top ligt rond februari en maart. In de droge maanden van het midden van het jaar valt het aantal soorten merkbaar terug.
Mabamba bij Entebbe geeft de hoogste trefkans, bij voorkeur vlak na zonsopgang vanuit een uitgeholde kano. Het tweede adres is de Nijldelta in Murchison Falls.
Wie soorten op naam wil brengen: zeker. Lokale gidsen herkennen roepjes waar een bezoeker overheen luistert, en dat scheelt tientallen soorten per dag.

De enige mensaap die in aantal groeit. Leeft in twee gebieden ter wereld, waarvan er één in Oeganda ligt.

Twintig primatensoorten in één land, waarvan dertien in één bos. De chimpansee is de bekendste, maar niet de enige reden om het bos in te gaan.

Olifant, leeuw, luipaard en buffel zijn er allemaal. De neushoorn ontbreekt in het wild en leeft alleen nog in een opvanggebied.