
Centraal Oeganda en het Victoriameer
Waar elke reis begint. De luchthaven, de hoofdstad op zijn heuvels, papyrusmoeras met de schoenbekooievaar en de noordelijke oever van het grootste meer van Afrika.
Het oosten: waar de Nijl begint aan zesduizend kilometer, en waar op vulkanische hellingen arabica groeit tussen drie watervallen.
Het oosten ligt het dichtst bij Kampala en wordt het vaakst overgeslagen. Er zijn geen gorilla's en geen grote savanneparken, maar wel de bron van de Nijl, de breedste caldera ter wereld en koffie die tot de betere van Oost-Afrika wordt gerekend.
Jinja ligt tachtig kilometer van Kampala, maar de rit duurt door het verkeer bij het verlaten van de hoofdstad twee tot drie uur. Daarna wordt het rustiger: de weg naar Mbale en Sipi is verhard en goed berijdbaar.

Rond 1900 groeide Jinja uit tot handelsplaats, met een omvangrijke gemeenschap van Indiase afkomst. Van die tijd resteren de panden langs de hoofdstraat: overdekte galerijen, smeedijzeren balustrades, brede etalages. Het tempo in de stad ligt laag en langs het water staan terrassen.
Speke stond hier in 1862 en verklaarde de plek tot oorsprong van de Nijl. De watervallen die hij beschreef, gingen in 1954 kopje-onder toen er een stuwdam kwam. Op de plaats zelf borrelt nu grondwater omhoog in een verder kalme rivier.
Stroomafwaarts van de dam wordt de bedding smal en breken er golven van de vijfde graad. Een volledige dagtocht neemt zes tot acht van die passages, begeleid door kajakkers en een reddingsboot. Wie liever droog blijft, kiest een variant die niet boven graad drie uitkomt.
Mbale is met afstand de grootste plaats van het oosten en ligt tegen de flank van de berg aan. Zestig kilometer verder, op zestienhonderd meter, hangt het dorp Sipi aan de helling. Het water valt daar in drie etappes omlaag; de langste sprong bedraagt een kleine honderd meter. Een lus van een halve dag doet alle drie aan.
De vulkaan aan de grens met Kenia is al miljoenen jaren dood en flink afgesleten. Zijn voetafdruk beslaat ongeveer tachtig kilometer van rand tot rand; geen andere alleenstaande berg haalt dat. De ketel bovenin meet acht bij zes kilometer en geldt daarmee als de wijdste ter wereld.
| Route | Startpunt | Duur |
|---|---|---|
| Sasa Trail | Budadiri | Vier dagen |
| Sipi Trail | Kapkwai | Vier tot vijf dagen |
| Piswa Trail | Kapkwata | Vijf tot zes dagen |
Water sleet holtes uit in de flanken, en olifanten maakten die dieper door er zout gesteente van de wanden te likken.
Tussen zestien- en achttienhonderd meter levert de vulkanische grond arabica van hoge kwaliteit. Boerenverenigingen bij Sipi en Kapchorwa laten bezoekers de hele keten meemaken, van het plukken van rode kersen tot het branden in een pan boven vuur. Een deel van die verenigingen levert rechtstreeks aan branders in Europa en Noord-Amerika.
Twee nachten in Jinja en twee in Sipi vullen het gebied goed. Wie Mount Elgon op wil, telt er vier tot zes bij.
Minder. De top ligt lager en de flanken lopen zachter op, waardoor hoogteziekte zich minder snel meldt. Het blijft een meerdaagse tocht naar 4321 meter met kamperen onderweg.
Niet verstandig: alleen al de heenweg kost vijf uur. Twee overnachtingen ter plaatse maakt de verplaatsing pas de moeite.
Sipi Falls wordt ook beschreven op elizabeth-tours.com.

Waar elke reis begint. De luchthaven, de hoofdstad op zijn heuvels, papyrusmoeras met de schoenbekooievaar en de noordelijke oever van het grootste meer van Afrika.

Steile heuvels tot bovenaan bewerkt, meren tussen de ruggen en het bos waarin de helft van alle berggorilla's leeft. Het hoogst gelegen en koelste deel van het land.

Zestig kratermeren tussen theeplantages, een regenwoud met dertien primatensoorten en een gebergte van ruim vijfduizend meter met ijs op de evenaar.